Omgevingswet
In 2027 en de jaren daarna ligt de focus op de verdere implementatie van de Omgevingswet door de gefaseerde uitwerking van de Omgevingsvisie in het gemeente brede Omgevingsplan en uitvoeringsgerichte Omgevingsprogramma's. Hierbij worden ambities en lange termijn doelen voor onder meer woningbouw, voorzieningen, economie, mobiliteit, duurzaamheid, gezondheid en omgevingskwaliteit vertaald naar concrete regels, maatregelen en gebiedsgerichte uitwerkingen. De overgangstermijn om tot het gemeente brede Omgevingsplan te komen, loopt tot 1 januari 2032.
Ontwikkeling recreatiepark Ursemmerhof
De gemeente Koggenland heeft de wens dat recreatiepark Ursemmerhof wordt ontwikkeld tot een aantrekkelijke, openbaar toegankelijke recreatieve bestemming voor inwoners en bezoekers. Met het oog hierop heeft de gemeenteraad een voorkeursrecht gevestigd op het terrein, waarmee de gemeente als eerste in de gelegenheid wordt gesteld het perceel aan te kopen indien de eigenaar tot verkoop overgaat.
De eigenaar van het park heeft de gemeente in juli 2026 een formeel aanbod gedaan en de gemeente uitgenodigd om met elkaar in gesprek te gaan over een mogelijke verkoop van het terrein. Het college van burgemeester en wethouders heeft besloten deze uitnodiging te aanvaarden. Daarmee wordt vanaf 2026 verkend of de gemeente en de eigenaar tot overeenstemming kunnen komen over een eventuele grondaankoop.
Gelet op het financiële belang van een mogelijke aankoop en de gevestigde voorkeurspositie wordt dit dossier aangemerkt als bestuurlijk relevante ontwikkeling. De raad wordt over het verloop van de onderhandelingen en de eventuele financiële consequenties periodiek geïnformeerd.
Uitbreiding van 380 kV hoogspanningsnet
De landelijke opgave voor uitbreiding van het 380 kV-hoogspanningsnet ten behoeve van de energietransitie en het verminderen van netcongestie heeft gevolgen voor de inwoners van Hensbroek en Obdam en het gemeentelijk grondgebied van Koggenland. De ontwikkelingen worden nauwlettend gevolgd vanwege de impact op de fysieke leefomgeving, de ruimtelijke ontwikkeling en de belangen van inwoners en ondernemers.
Wet regie Volkshuisvesting
Met de Wet versterking regie volkshuisvesting, die op 1 juli 2026 in werking is getreden, stuurt het Rijk sterker op de omvang, locatie en betaalbaarheid van woningbouw. Gemeenten zijn verplicht de landelijke doelstellingen, waaronder twee derde betaalbare nieuwbouw en regionaal 30% sociale huur, te verwerken in hun volkshuisvestingsprogramma en woningbouwprogrammering. Hierdoor krijgen deze uitgangspunten een belangrijke plaats binnen het Programma Volkshuisvesting.
De concrete uitwerking vindt plaats via het Besluit versterking regie volkshuisvesting. Dit besluit bevat onder meer de regels over de volkshuisvestingsprogramma's, de betaalbaarheidsdoelen en de verruiming voor mantelzorg- en familiewoningen. De verwachting is dat dit besluit op 1 januari 2027 ingaat. Deze verdere uitwerking van de wet biedt naar verwachting meer ruimte voor vergunningsvrije mantelzorg- en familiewoningen op particuliere erven waar nu spuitzonering een belemmering vormt voor vergunningverlening. Dit kan bijdragen aan een beter gebruik van de bestaande woningvoorraad, het bevorderen van doorstroming en het faciliteren van woonvormen waarbij generaties dichter bij elkaar wonen.
Ontwikkeling infrastructuur Avenhorn West
Om in aanloop naar de ontwikkeling van Avenhorn West de infrastructuur op orde te krijgen wordt in 2027 de ontwikkeling van een brug in het verlengde van de Gors naar Alkmaar onderzocht.
Uitbreiding bedrijventerreinen
De mogelijkheden voor uitbreiding van bedrijventerreinen worden begrensd door de schaarse beschikbare ruimte en de noodzaak om rekening te houden met andere ruimtelijke opgaven, zoals woningbouw, landbouw, natuur, landschap, mobiliteit en water.
Naast de schaarste aan ruimte vormt netcongestie een belangrijke beperkende factor voor de uitbreiding van bedrijventerreinen. De beperkte capaciteit van het elektriciteitsnet kan de vestiging en groei van bedrijven belemmeren en vraagt om een nauwe afstemming tussen ruimtelijke ontwikkelingen en de uitbreiding van de energie-infrastructuur.